Hervorming van de wet op de gedwongen mede-eigendom goedgekeurd

Op donderdag 7 juni is de wet op de hervorming van het appartementsrecht in de Kamer goedgekeurd. Deze wet hervormt en versoepelt de wet op de gedwongen mede-eigendom op belangrijke punten. 

Wat zijn de belangrijkste wijzigingen?

Wie betaald beslist. Zo zal iemand die op het gelijkvloers woont en niet bijdraagt tot de kosten van de lift niet mee beslissen wanneer de lift wordt vernieuwd.

De syndicus zal makkelijker achterstal kunnen invorderen. Ook onstaat er de wettelijke hoofdelijkheid tussen de blote eigenaar en de vruchtgebruiker van een kavel.

Verplicht een reservefonds. Zo komt er in alle gebouwen een financiële buffer voor grote renovaties, herstellingen e.d. Ieder gebouw zou een welbepaalde verplichte reserve moeten opbouwen, uiterlijk vijf jaar na de voorlopige oplevering van de gemene delen. Een opt-out is mogelijk als 4/5 van de mede-eigenaars geen reservefonds wil aanleggen.

Eén eigenaar kan heropbouw niet altijd meer verhinderen. In de toekomst zal een 4/5 meerderheid volstaan op voorwaarde dat de afbraak nodig is omwille van veiligheid of hygiëne in het gebouw en de kostprijs van renovatie buitensporig is.

De vermindering van de 3/4 meerderheid tot een 2/3 meerderheid.

De afslanking van de statuten, waardoor enkel nog de splitsing van het gebouw en de bijdrageverplichting in de statuten moet worden opgenomen. De overige bepalingen kunnen worden opgenomen in het reglement van interne orde, dat door de syndicus moet worden geactualiseerd. Dit zorgt voor meer duidelijkheid over het gebouw en dus ook voor meer stabiliteit voor de mede-eigenaar.

Beslissingen over wettelijk verplichte werken kunnen in de toekomst genomen worden met een 50% meerderheid. Momenteel is nog een 3/4 meerderheid vereist.

De verhuurder zal de huurder moeten informeren over beslissingen van de algemene vergadering.